3e serie – Ashi-waza

In de Ashi-waza serie staat de beweeglijkheid van de judoka centraal. Deze technieken laten zien hoe je met minimale fysieke kracht een tegenstander kunt werpen door simpelweg zijn basis (de benen) onder hem vandaan te halen. Het is de serie van de “perfecte timing”: een fractie van een seconde te vroeg of te laat, en de worp mislukt.

De logische opbouw van de serie

De drie worpen in deze serie laten drie verschillende manieren zien om de benen van de tegenstander aan te vallen:

  1. Okuri-ashi-barai (De veeg): Hierbij worden beide voeten van de tegenstander zijwaarts tegen elkaar aan geveegd terwijl hij beweegt.
  2. Uchi-mata (De maai): Een spectaculaire worp waarbij het been van de tegenstander aan de binnenzijde wordt weggemaaid, wat vaak leidt tot een zeer hoge en gecontroleerde val.
  3. Seoi-otoshi (De blokkade): In de context van de Ashi-waza in de kata, wordt deze worp uitgevoerd door één been te blokkeren terwijl de ander over het knielende lichaam van Tori wordt getrokken.

Algemene kenmerken voor de bibliotheek

  • Timing is Alles: Bij beentechnieken is de kracht van de armen ondergeschikt aan het moment waarop de voet van de tegenstander de mat verlaat of juist net gaat raken.
  • Lichtvoetigheid: Tori moet in deze serie extreem soepel bewegen. Zwaar op de voeten staan maakt het onmogelijk om de benen van Uke effectief aan te vallen.
  • Coördinatie: De handen sturen het bovenlichaam van Uke in de tegenovergestelde richting van de beenveeg, waardoor een schaareffect ontstaat dat de balans volledig verbreekt.

Betekenis binnen de Kata

De Ashi-waza serie markeert het punt in de kata waar souplesse belangrijker wordt dan massa. Het bereidt de judoka voor op de latere, meer complexe offerworpen. Het leert je om naar de voeten van je tegenstander te “kijken” met je eigen voeten; een intuïtief gevoel voor waar het gewicht van de ander zich bevindt.

De derde serie is visueel vaak erg aantrekkelijk voor leerlingen omdat worpen zoals Uchi-mata symbool staan voor het “mooie” judo. Een technisch hoogstaande judostijl waarbij snelheid wint van kracht.

Okuri-ashi-barai

Okuri-ashi-barai is de eerste techniek van de derde serie (Ashi-waza). De naam betekent letterlijk “begeleidende voetveeg”. Het is de ultieme demonstratie van timing: je veegt de voeten van de tegenstander op het moment dat ze elkaar passeren tijdens een zijwaartse verplaatsing.

De Uitvoering in de Kata

In de Nage-no-Kata wordt deze worp gekenmerkt door een specifiek zijwaarts ritme:

  1. De Verplaatsing: Tori en Uke bewegen zijwaarts in een zijwaartse glijpas (Tsugi-ashi). Ze maken drie passen in een vloeiend tempo.
  2. De Uitlokking: Tori leidt de beweging. Bij de derde stap versnelt Tori het tempo van Uke’s zijwaartse beweging door hem met de armen extra mee te trekken.
  3. De Veeg: Op het moment dat Uke zijn tweede voet wil bijsluiten om weer stabiel te staan, veegt Tori met de voetzool de enkel van Uke tegen zijn andere enkel aan.
  4. Het Schaareffect: Terwijl Tori de voeten opzij veegt, stuurt hij met zijn handen het bovenlichaam van Uke de andere kant op. Hierdoor verliest Uke alle steun en maakt hij een zijwaartse val.

Cruciale Details voor de Bibliotheek

  • De Voetzool: Een veelgemaakte fout is het “schoppen” met de wreef of het scheenbeen. In de kata moet de veeg gebeuren met de holte van de voetzool (Teisoku), precies op het enkelgewricht.
  • Timing: De veeg moet plaatsvinden op het “dode punt”: het moment dat de voet van Uke bijna de grond raakt, maar er nog geen gewicht op rust.
  • Hand-Voet Coördinatie: De kracht van de worp komt niet uit het been alleen, maar uit de perfecte samenwerking tussen de vegende voet en de sturende handen.

De Filosofie achter Okuri-ashi-barai

Okuri-ashi-barai leert de judoka het principe van meegaan met de stroom. Je vecht niet tegen de richting van de tegenstander in, maar je versterkt zijn eigen beweging totdat hij zichzelf voorbijloopt. Het symboliseert de perfecte harmonie en het ritmegevoel dat nodig is om een tegenstander te verslaan zonder brute kracht te gebruiken.


Filmpjes

Sasae-tsurikomi-ashi

In de opbouw van de beentechnieken vormt Sasae-tsurikomi-ashi het cruciale punt waarop we overgaan van een meegaande veeg (Okuri-ashi-barai) naar een blokkerende techniek. Waar je bij een veeg het been wegduwt, creëer je hier een onbeweegbaar punt waar de tegenstander overheen móét vallen.

De Uitvoering in de Kata-vorm

Binnen de methodiek van de beenserie wordt deze worp als volgt uitgevoerd:

  1. De Lokbeweging: Tori stapt schuin naar achteren en trekt Uke in een grote, cirkelvormige beweging naar voren. Uke wordt gedwongen een grote stap te zetten om zijn balans te corrigeren.
  2. De Blokkade: Precies op het moment dat Uke zijn gewicht op zijn voorste voet wil plaatsen, blokkeert Tori die beweging. Hij plaatst de zool van zijn voet net boven de enkel van Uke.
  3. De Tsurikomi (Lift en Trek): Tegelijkertijd maakt Tori een krachtige stuurwiel-beweging met zijn armen. Omdat de voet van Uke “vaststaat” op de mat door de blokkade van Tori, heeft zijn bovenlichaam geen andere keuze dan in een grote boog over de blokkerende voet heen te roteren.

Cruciale Details voor de Bibliotheek

  • Niet schoppen: De voet van Tori fungeert als een “muur”, niet als een wapen. Het is de armkracht en de rotatie van het bovenlichaam die de werkelijke worp veroorzaken.
  • Lichaamspositie: Tori moet zijn lichaam wegdraaien van de worp af (“openen”) om ruimte te maken voor de val van Uke.
  • De Standvoet: Het gewicht van Tori rust volledig op zijn eigen standbeen, dat licht gebogen en stabiel moet zijn.

Waarom dit de 2e stap is

Sasae-tsurikomi-ashi leert de judoka een fundamenteel nieuw principe na de enkelveeg: het gebruik van een vast steunpunt. Het is de perfecte voorbereiding op technieken waarbij de tegenstander over een hindernis heen moet worden gestuurd. Het traint het coördinatiegevoel tussen de trekkende hand (bij de mouw) en de liftende hand (bij de revers).

Filmpjes

Uchi-mata

In de opbouw van de beentechnieken vormt Sasae-tsurikomi-ashi het cruciale punt waarop we overgaan van een meegaande veeg (Okuri-ashi-barai) naar een blokkerende techniek. Waar je bij een veeg het been wegduwt, creëer je hier een onbeweegbaar punt waar de tegenstander overheen móét vallen.

De Uitvoering in de Kata-vorm

Binnen de methodiek van de beenserie wordt deze worp als volgt uitgevoerd:

  1. De Lokbeweging: Tori stapt schuin naar achteren en trekt Uke in een grote, cirkelvormige beweging naar voren. Uke wordt gedwongen een grote stap te zetten om zijn balans te corrigeren.
  2. De Blokkade: Precies op het moment dat Uke zijn gewicht op zijn voorste voet wil plaatsen, blokkeert Tori die beweging. Hij plaatst de zool van zijn voet net boven de enkel van Uke.
  3. De Tsurikomi (Lift en Trek): Tegelijkertijd maakt Tori een krachtige stuurwiel-beweging met zijn armen. Omdat de voet van Uke “vaststaat” op de mat door de blokkade van Tori, heeft zijn bovenlichaam geen andere keuze dan in een grote boog over de blokkerende voet heen te roteren.

Cruciale Details voor de Bibliotheek

  • Niet schoppen: De voet van Tori fungeert als een “muur”, niet als een wapen. Het is de armkracht en de rotatie van het bovenlichaam die de werkelijke worp veroorzaken.
  • Lichaamspositie: Tori moet zijn lichaam wegdraaien van de worp af (“openen”) om ruimte te maken voor de val van Uke.
  • De Standvoet: Het gewicht van Tori rust volledig op zijn eigen standbeen, dat licht gebogen en stabiel moet zijn.

Waarom dit de 2e stap is

Sasae-tsurikomi-ashi leert de judoka een fundamenteel nieuw principe na de enkelveeg: het gebruik van een vast steunpunt. Het is de perfecte voorbereiding op technieken waarbij de tegenstander over een hindernis heen moet worden gestuurd. Het traint het coördinatiegevoel tussen de trekkende hand (bij de mouw) en de liftende hand (bij de revers).

Filmpjes