- Onze Judobibliotheek
- Wat is judo?
- Jigoro Kano – Oprichter judo
- Geschiedenis Judo
- Visie
- Statistieken
- Lesonderdeel
- Ontwikkeling
- Inspiratie uit andere sporten
- Tachi-waza – Staand judo
- Ne-waza – Grond judo
- Judo in Nederland
- Trainen in andere landen
- Experts / inspiratie
- Topjudoka’s
- Verschillende topjudoka’s
- Nederland
- Japan
- Georgië
- Azerbaijan
- Brazilië
- Italië
- Korea
- Frankrijk
- Toptrainers
- Documentaires
- Topjudoka’s
- Filmpjes van wereldwijde judotoernooien
- Kata
- JudoQuiz
- Woordenlijst
- Handige/leuke links
- Enquête J.A.S.
- Onze Judobibliotheek
- Wat is judo?
- Jigoro Kano – Oprichter judo
- Geschiedenis Judo
- Visie
- Statistieken
- Lesonderdeel
- Ontwikkeling
- Inspiratie uit andere sporten
- Tachi-waza – Staand judo
- Ne-waza – Grond judo
- Judo in Nederland
- Trainen in andere landen
- Experts / inspiratie
- Topjudoka’s
- Verschillende topjudoka’s
- Nederland
- Japan
- Georgië
- Azerbaijan
- Brazilië
- Italië
- Korea
- Frankrijk
- Toptrainers
- Documentaires
- Topjudoka’s
- Filmpjes van wereldwijde judotoernooien
- Kata
- JudoQuiz
- Woordenlijst
- Handige/leuke links
- Enquête J.A.S.
© 2026
Zijkant bokje
Lorem ipsum dolor sit amet, at mei dolore tritani repudiandae. In his nemore temporibus consequuntur, vim ad prima vivendum consetetur. Viderer feugiat at pro, mea aperiam
De Slip vastzetter / gut wrench turnover komt oorspronkelijk uit het worstelen — vooral freestyle en Greco-Roman — maar veel elementen zie je tegenwoordig ook terug in judo-newaza en no-gi systemen.
Het is een krachtige rol-/kanteltechniek waarmee je een tegenstander vanuit buik- of turtlepositie overrolt terwijl je controle rond de romp houdt.
Basisidee
Je “wrapt” de romp van uke strak vast:
- meestal rond buik/ribben/heup,
- daarna laad je het gewicht op,
- en rol je explosief zijwaarts.
In wrestling levert dat exposurepunten op.
In judo gebruik je vergelijkbare bewegingen meer voor:
- turnovers,
- osaekomi-opbouw,
- of transitions.
Waarom heet het “gut wrench”?
- Gut = buik/middenrif
- Wrench = wringen/forceren
Je draait letterlijk het lichaam van uke over de romp-as.
Hoe werkt hij ongeveer?
Startpositie
Uke:
- ligt plat of compact turtle,
- ellebogen dicht.
Tori:
- zit naast of iets achter uke,
- borstdruk laag,
- armen locked rond de romp.
De beweging
- Compressie
Je trekt uke compact naar je toe. - Heup-inzet
Je stapt in en brengt je heup dicht onder uke. - Rotatie
Je draait explosief zijwaarts. - Follow-through
Je blijft doorrollen zodat uke niet kan herstellen.
Belangrijk detail
De kracht komt niet uit trekken met de armen.
Een goede gut wrench gebruikt:
- heuprotatie,
- borstdruk,
- en timing.
Dat lijkt sterk op goede judo-turnovers.
Link met judo
In klassiek judo heet iets niet letterlijk “gut wrench”, maar veel moderne turnovers lijken erop:
- rolsystemen vanuit turtle,
- akimoto-achtige rollen,
- pressure turnovers,
- makikomi-achtige newaza.
Vooral in crossover training tussen:
- judo,
- wrestling,
- BJJ,
zie je dat systemen steeds meer overlappen.
Verschil met een klassieke judo-kanteling
Een traditionele judoturnover gebruikt vaak:
- revers,
- mouwen,
- kraagcontrole.
Een gut wrench is meer:
- bodylock-gebaseerd,
- druk-gebaseerd,
- en explosief.
Dus:
- minder gi-afhankelijk,
- meer gebaseerd op rompcontrole.
de Akimoto roll is een bekende newaza-techniek (grondwerk) uit het judo, populair gemaakt door Hiroyuki Akimoto. Het is een dynamische roltechniek waarmee je vanuit een scramble of verdedigende positie ineens bovenop kunt eindigen, vaak direct in een houdgreep of controlepositie.
Visueel lijkt het een beetje op een combinatie van:
- een sacrifice movement (sutemi)
- een roll-over counter
- en een overgang naar osaekomi (hold-down).
De techniek wordt vaak beschreven als een variatie op obi-tori-gaeshi van Katsuhiko Kashiwazaki, maar met een specifieke grip en rolrichting.
Hoe werkt de Akimoto roll ongeveer?
In simpele termen:
- Je controleert de bovenkant van uke’s lichaam (vaak schouder/band/jas).
- Je brengt gewicht naar voren zodat uke druk geeft.
- Dan “duik” of rol je schuin onderdoor.
- Door de rotatie trek je uke mee over je heen.
- Je eindigt vaak direct in side control of een houdgreep.
Het werkt vooral goed:
- tegen een agressieve voorwaartse druk,
- in turtle/scramble situaties,
- of als verrassing in overgang tussen staand en grondwerk.
Waarom vinden judoka het zo gaaf?
Omdat het:
- explosief en onverwacht is,
- weinig ruimte nodig heeft,
- goed aansluit op modern competitiejudo,
- en direct punten of controle kan opleveren.
Veel mensen zien het als een “high-level timing technique”: minder brute kracht, meer gevoel voor momentum.
Technisch gezien
De Akimoto roll gebruikt veel:
- rotatie,
- kuzushi (balansverstoring),
- en momentum van uke.
De moderne “Fukuda roll” is namelijk direct gekoppeld aan de Japanse judoka Yamato Fukuda. Hij maakte deze turnover wereldwijd bekend in internationale junior- en seniorcompetities.
Wat Fukuda bijzonder maakte:
- hij dook extreem diep onder turtle,
- gebruikte zijn benen om de rotatie af te maken,
- en deed dit heel vloeiend vanuit competitie-scrambles.
Daardoor kreeg die specifieke turnover in de judowereld informeel de naam:
“Fukuda roll”.
Dus het is eigenlijk vergelijkbaar met:
- Akimoto roll,
- Huizinga roll,
- of andere competitienamen:
geen officiële Kodokan-benaming,
maar een herkenbare wedstrijdvariant gekoppeld aan een atleet.
Wat maakt Fukuda’s versie herkenbaar?
De typische kenmerken zijn:
- diep onder uke “slippen”,
- benen gebruiken om uke te liften/kantelen,
- sterke diagonale rotatie,
- en direct doorrollen naar controle.
Veel oudere turnovers:
- trekken of tillen meer.
Fukuda’s versie:
- voelt meer als een rolling inversion.
Dat is waarom hij zo modern oogt.
Verschil met Akimoto roll
De Akimoto roll:
- gebruikt vaak meer momentum van voorwaartse druk,
- voelt explosiever.
De Fukuda roll:
- gebruikt meer onderdoor-rotatie,
- en meer beeninzet tijdens de rol.
In veel video’s zie je bijna een soort:
“onder turtle verdwijnen en hem meenemen.”
Dat is echt typisch Fukuda.
Waarom mensen hem interessant vinden
Omdat hij:
- compact is,
- weinig ruimte nodig heeft,
- en extreem goed werkt tegen moderne defensieve turtle.
Vooral tegen:
- lage heupen,
- gesloten armen,
- statische verdediging.
De rolwurging is een klassieke Nederlandse term voor een groep rolling chokes vanuit turtle/bokpositie in judo-newaza. In internationale termen zie je overlap met:
- rolling collar chokes,
- rolling okuri-eri-jime,
- sankaku-roll chokes,
- of turtle rolling strangles.
Het basisidee is:
uke verdedigt compact in turtle → tori gebruikt rotatie om tegelijk controle én verwurging op te bouwen.
Dus:
- niet eerst controleren en dan wurgen,
- maar:
controle ontstaat dóór de rol.
Waarom rolwurgingen zo sterk zijn
Turtle-verdediging werkt goed tegen:
- klassieke houdgrepen,
- standaard turnovers,
- directe armklemmen.
Maar zodra iemand gaat rollen:
- verandert de hoek constant,
- raken posten moeilijk,
- en opent de nek/schouderlijn.
Dat is waarom rolling chokes zo gevaarlijk zijn.
Typische vormen van rolwurgingen
1. Rolling okuri-eri-jime
Heel klassiek in judo.
- diepe kraaggreep,
- tweede hand sluit,
- rotatie over schouderlijn,
- verwurging tijdens de rol.
2. Sankaku-rolwurging
Vanuit trianglecontrole:
- been over schouder,
- rotatie,
- choke tijdens turnover.
Heel modern competitiejudo/BJJ crossover.
3. Clock choke-achtige rollen
Meer druk-gebaseerd:
- draaien rond turtle,
- constante nekdruk,
- langzaam of explosief finishen.
4. Rolling bow-and-arrow varianten
Minder klassiek judo,
maar steeds vaker zichtbaar in crossover newaza.
Wat technisch belangrijk is
1. De choke zit vóór de rol
Beginners rollen vaak eerst.
Topjudoka:
- zetten eerst de spanning,
- rollen daarna om de choke af te maken.
2. Hoek = alles
Recht achter turtle wurgen werkt slecht.
Je wilt:
- diagonaal,
- naast de schouderlijn,
- of onder een hoek.
3. Rotatie breekt verdediging
Tijdens de rol kan uke vaak:
- niet goed posten,
- nek niet vrijmaken,
- schouders niet vierkant houden.
Daarom openen rolling chokes zoveel.
De Ezekiel choke is een van de bekendste verwurgingen vanuit turtle, guard en mount — zowel in judo als BJJ. In judo wordt hij meestal gezien als een variant van sode-guruma-jime.
De choke werd wereldwijd beroemd door de Braziliaanse judoka Ezequiel Paraguassu. Tijdens trainingen in Brazilië gebruikte hij deze verwurging veel tegen BJJ’ers, waarna de techniek in grappling bekend werd als:
“Ezekiel choke”.
Dus de naam komt letterlijk van:
- Ezequiel → verengelst naar Ezekiel.
Het basisidee
Je gebruikt:
- één arm achter de nek,
- terwijl de andere hand in je eigen mouw grijpt,
- en daarna druk je de onderarm/kant van de hand tegen de keel.
Het bijzondere is:
de choke gebruikt je eigen mouw als anker.
Waarom hij zo sterk is in turtle
Turtle-verdediging sluit vaak:
- armen,
- oksels,
- en ruimte rond het lichaam.
Maar de nek blijft vaak bereikbaar.
De Ezekiel choke werkt goed omdat:
- je weinig ruimte nodig hebt,
- geen diepe backcontrol nodig hebt,
- en de choke compact blijft.
Perfect voor:
- strakke turtles,
- defensieve tegenstanders,
- snelle newaza exchanges.
Basismechaniek
Globaal:
- Eén arm gaat rond de nek.
- De andere hand pakt diep in eigen mouw.
- De “snijarm” schuift voor de keel.
- Ellebogen sluiten.
- Druk naar binnen en licht roterend.
De finish voelt vaak:
- verrassend snel,
- compact,
- en verstikkend.
Vanuit bokpositie/turtle
Heel populair in judo.
Vaak:
- druk je eerst turtle plat,
- forceer je reactie,
- en schuif je dan de choke erin.
Veel wedstrijdjudoka gebruiken hem:
- als directe submission,
- of als dreiging om turtle open te krijgen.
Waarom modern judo ervan houdt
Omdat hij:
- weinig tijd nodig heeft,
- IJF-legaal is,
- weinig setup vereist,
- en direct gevaar creëert.
Dat is ideaal in korte newaza-fases.
Typische combinaties
De Ezekiel choke opent enorm veel vervolgopties:
Verschil met klassieke okuri-eri-jime
Okuri-eri-jime
- gebruikt twee kraaggrepen,
- meer ruimte,
- diepere nekcontrole.
Ezekiel / sode-guruma-jime
- gebruikt eigen mouw,
- compacter,
- werkt op korte afstand.
Belangrijke details
1. Niet alleen knijpen
De kracht komt uit:
- ellebogen sluiten,
- schouderdruk,
- borstdruk,
- en hoek.
2. Hoofd laag houden
Te hoog = uke draait weg.
3. Snijarm diep genoeg
Niet op kin drukken —
onder de kaaklijn werken.
4. Druk vooruit
Veel beginners hangen achterover.
Topjudoka drukken juist:
- compact,
- zwaar,
- naar voren.
De Ezekiel choke is een van de bekendste verwurgingen vanuit turtle, guard en mount — zowel in judo als BJJ. In judo wordt hij meestal gezien als een variant van sode-guruma-jime.
De choke werd wereldwijd beroemd door de Braziliaanse judoka Ezequiel Paraguassu. Tijdens trainingen in Brazilië gebruikte hij deze verwurging veel tegen BJJ’ers, waarna de techniek in grappling bekend werd als:
“Ezekiel choke”.
Dus de naam komt letterlijk van:
- Ezequiel → vertaald naar Ezekiel.
Het basisidee
Je gebruikt:
- één arm achter de nek,
- terwijl de andere hand in je eigen mouw grijpt,
- en daarna druk je de onderarm/kant van de hand tegen de keel.
Het bijzondere is:
de choke gebruikt je eigen mouw als anker.
Waarom hij zo sterk is in turtle
Turtle-verdediging sluit vaak:
- armen,
- oksels,
- en ruimte rond het lichaam.
Maar de nek blijft vaak bereikbaar.
De Ezekiel choke werkt goed omdat:
- je weinig ruimte nodig hebt,
- geen diepe backcontrol nodig hebt,
- en de choke compact blijft.
Perfect voor:
- strakke turtles,
- defensieve tegenstanders,
- snelle newaza exchanges.
Basismechaniek
Globaal:
- Eén arm gaat rond de nek.
- De andere hand pakt diep in eigen mouw.
- De “snijarm” schuift voor de keel.
- Ellebogen sluiten.
- Druk naar binnen en licht roterend.
De finish voelt vaak:
- verrassend snel,
- compact,
- en verstikkend.
Vanuit bokpositie/turtle
Heel populair in judo.
Vaak:
- druk je eerst turtle plat,
- forceer je reactie,
- en schuif je dan de choke erin.
Veel wedstrijdjudoka gebruiken hem:
- als directe submission,
- of als dreiging om turtle open te krijgen.
Waarom modern judo ervan houdt
Omdat hij:
- weinig tijd nodig heeft,
- IJF-legaal is,
- weinig setup vereist,
- en direct gevaar creëert.
Dat is ideaal in korte newaza-fases.
Typische combinaties
De Ezekiel choke opent enorm veel vervolgopties:
Verschil met klassieke okuri-eri-jime
Okuri-eri-jime
- gebruikt twee kraaggrepen,
- meer ruimte,
- diepere nekcontrole.
Ezekiel / sode-guruma-jime
- gebruikt eigen mouw,
- compacter,
- werkt op korte afstand.
Belangrijke details
1. Niet alleen knijpen
De kracht komt uit:
- ellebogen sluiten,
- schouderdruk,
- borstdruk,
- en hoek.
2. Hoofd laag houden
Te hoog = uke draait weg.
3. Snijarm diep genoeg
Niet op kin drukken —
onder de kaaklijn werken.
4. Druk vooruit
Veel beginners hangen achterover.
Topjudoka drukken juist:
- compact,
- zwaar,
- naar voren.